Skip navigation

Lichtdoorlatende elementen

In een ruimte met daglicht voelen mensen zich eerder prettig. Daarnaast biedt het gebruik van daglicht een besparing op kunstlicht en dus op energie. Voor kantoren, woningen etcetera zijn hieromtrent eisen geformuleerd; voor industriële hallen niet, maar ook daar zijn bovenstaande overwegingen onverkort van toepassing.

Op basis van deze overwegingen worden in de daken van industriële en commerciële gebouwen dikwijls lichtdoorlatende elementen toegepast. In platte daken betreft het hierbij lichtkoepels en halfcilindervormige lichtstraten. Bij hellende daken, afgewerkt met een kouddakbeplating, zijn dergelijke voorzieningen ook mogelijk maar gewoonlijk kiest men in dat geval voor lichtdoorlatende geprofileerde platen van kunststof, waarvan de profilering correspondeert met die van de aansluitende metalen beplating.

Bij het kiezen voor en toepassen van lichtdoorlatende elementen dient een aantal aspecten te worden meegewogen:

  • Type activiteiten in de onderliggende ruimte(n).
  • Hoogte, afmetingen en vorm van het gebouw.
  • Type profilering metalen kouddakbeplating.
  • Toegepaste kleuren aan de binnenzijde van de constructie.
  • Invloeden van (beschaduwing door) eventuele aanpalende bebouwing.
  • Verwarming.
  • Vereiste isolatiewaarde.
  • Locatie van en oppervlak aan lichtinval.
  • Brandveiligheid.
  • Onderhoudbaarheid.
  • Compatibiliteit.

Geprofileerde lichtdoorlatende elementen worden gewoonlijk van Polyester, PVC of Polycarbonaat gemaakt. Het materiaal moet zo gekozen worden dat het niet reageert met het materiaal waarop het gemonteerd wordt. De materiaaldikte van de elementen varieert van 1 mm tot 3 mm, afhankelijk van het type materiaal, constructieve eisen en veiligheidsoverwegingen. Een eventuele beschermende coating tegen aantasting door UV-licht kan de levensduur van de elementen aanzienlijk verlengen.

Meestal worden lichtdoorlatende elementen dubbelwandig uitgevoerd. Deze worden ofwel in het werk samengesteld ofwel als een kant-en-klaar dubbelwandig element aan de bouwplaats afgeleverd. Een 'half-cilinder' of koepel is een speciaal, in de fabriek vervaardigd, dubbelwandig element dat op een passende opstand wordt geplaatst en bevestigd zodat het zich boven het watervoerende niveau bevindt. Bij plaatsing op de nok vraagt deze oplossing geen bijzondere voorzieningen, maar bij plaatsing op het dakschild moeten er hierbij maatregelen worden genomen om afstromend regenwater om deze opstand heen te leiden. Fabrieksmatig vervaardigde dubbelwandige elementen kunnen in allerlei vormen en maten worden geproduceerd zodat zij op eenvoudige wijze in de meest uiteenlopende dakconstructies kunnen worden geïntegreerd. Zij beperken het energieverlies en verkleinen het risico op condensproblemen.

Bij de verdeling van de lichtdoorlatende elementen over het dakoppervlak moet rekening worden gehouden met de plaats waar de activiteiten in de onderliggende ruimte zich concentreren.

Dikwijls zal er behoefte zijn aan een gelijkmatige lichtinval. Er zijn hierbij vier mogelijke verdelingen: 

  • Van nok naar goot over de volledige afstand.
  • Van nok naar goot over een gedeelte van deze afstand.
  • In een schaakbordpatroon.
  • In de lengterichting van het dakschild.

Het schaakbordpatroon levert de meest gelijkmatige lichtinval op. Nadeel is echter de grote lengte aan aansluitingen tussen de kunststofelementen en de dakbeplating. Dit houdt extra risico's in met betrekking tot de uitvoering en het onderhoud. Vanuit laatstgenoemd oogpunt zijn doorgaande banen van nok naar goot over de volledige afstand het meest gunstig omdat in dit geval de lengte aan aansluitingen is geminimaliseerd.

Lichtdoorlatende elementen zijn minder stijf en sterk dan geprofileerde staalplaat. Daarom kan het noodzakelijk blijken te zijn ter plaatse van de lichtbanen extra gordingen toe te passen om de overspanningen te verkleinen. In dit kader dient vooral rekening te worden gehouden met windzuiging, met name ter plaatse van gebouwhoeken. Hieromtrent kunnen de betreffende leveranciers gerichte adviezen geven met betrekking tot overspanningen, wijze van bevestiging en type bevestiging.

Verder zullen lichtdoorlatende elementen een afwijkende prestatie (kunnen) leveren met betrekking tot warmte-isolatie en brandveiligheid. Bij de bepaling van de isoaltiewaarde van de dakconstructie dient dit te worden meegewogen. Ook bij de toetsing van de brandveiligheid moet hiermee rekening worden gehouden. Dikwijls zullen lichtdoorlatende elementen in dit kader moeten worden aangemerkt als 'openingen'.

Lichtdoorlatende elementen zijn kwetsbaarder dan stalen beplating en ook niet beloopbaar. In de nieuwbouwfase, maar ook met het oog op mogelijk toekomstig onderhoud, moet met dit risico rekening worden gehouden en moeten zo nodig veiligheidsvoorzieningen roffen worden.

  

Colorcoat Connection® Helpline

+31 (0)251 492206 (NL)
+32 (0) 70 233 009 (B)
of klik hier om contact met ons op te nemen